__________________________________
ZIJNE GESCHIEDENIS
‘t Is
op het roemrijk slagveld van Vlaanderen dat het 18e Regiment
Artillerie tot stand kwam.
Op 1
Februari 1918 gevormd uit vier groepen van twee batterijen, werd het onder het
bevel van majoor de Cuyper geplaatst.
De
eerste groep omvatte twee batterijen van 105 Lang; de tweede: twee batterijen
van 155 Schneider 17; de derde: houwitsers van 6 duim en de vierde: batterijen
loopgravenartillerie.
In den
loop van 1918 werd er voor elke groep een derde batterij opgericht.
De
eerste, de derde en de vierde groep stellen zich op tusschen Oost-Duinkerke en
Nieuwpoort. In dien sector, welken de vijand door en door kent, neemt het 18 A
deel aan den steeds vinnigen strijd tegen de Duitsche marine- en veldartillerie,
die sedert zeer lang omstreeks Westende en Middelkerke zijn opgesteld. Zijn vuur
steunt talrijke raids der infanterie en zijne tegenvoorbereiding draagt
ruimschoots bij tot het tegenhouden van de veelvuldige vijandelijke invallen.
Den 2n
Maart vervoegt de 2e groep zich bij het regiment dat stelling neemt
ten Westen van Nieuwpoort-badstad.
Al de
groepen worden door den vijand beschoten.
De derde
groep beleeft een zeer bewogen periode en verplaatst zich. Eene vermelding bij
regimentsdagorder herinnert aan dit tijdstip.
De
tweede groep die, in de nabijheid der loopgraven opgesteld zijnde, dikwijls
opdracht krijgt om de Duitsche batterijen te bestrijden of te neutraliseeren,
ondergaat geweldige tegenbeschietingen vanwege den vijand. Kapitein Rollin wordt
doodelijk gewond op 21 Mei.
In Maart
en in het begin van Juni lokken de met buitengewoon succes door de eerste groep
uitgevoerde stoorvuren en beschietingen op batterijen, een geweldig
tegenbombardement uit vanwege den vijand, die woedend op de batterij blijft
hameren. De groep wordt gefeliciteerd en de 1e batterij wordt vermeld
bij dagorder van het regiment.
Nadat de
4e groep zich in den sector van Nieuwpoort altijd even moedig had
gedragen, verlaat zij, einde Juli, het regiment.
Den 5n
Augustus vertrekt het 18 A naar de 2e linie, in de omgeving van
Hondschoote en Saint-Sixte. Den 19n Augustus lost het ‘t 14 A af in
den sector van Boezinge. De heilige wacht herbegint met hare aanhoudende
artilleriegevechten.
Kort
nadien komt de 3-1 aan op het front; de tweede groep wordt ter beschikking
gesteld van de 12e Infanteriedivisie en de derde groep gedetacheerd
bij de 6e Infanteriedivisie. Dit zijn de voorbereidende maatregelen
voor het nakend groot offensief.
Den 28n
September neemt het regiment stelling op de linie Wieltje-Pilken, vanwaar het,
van op één kilometer afstand van de Duitsche loopgraven, deelneemt aan het
overweldigend artillerievuur dat te 2 u. 30 losbreekt en drie uren lang de
vijandelijke stellingen onder een stortregen van granaten van alle kaliber
verplettert. Op het uur H, te 5 u. 30, houdt de behamering der loopgaven op en
het regiment begeleidt door middel van zijn vuur de bewonderenswaardige
infanterie die in stormloop oprukt tegen den heuvelkam van Passchendale.
Den 30n
September neemt het regiment stelling bij Mosselmarkt en ten Westen van
Passchendale, in een volkomen omgewoeld terrein, waar het 14 dagen lang
onophoudend bestookt wordt door de vijandelijke artillerie, die allerbest
beschut was door Roeselare en de omliggende dekkingen.
Gedurende
die periode neemt het 18 A op onafgebroken wijze deel aan de vuren tegen
batterijen en aan de tegenvoorbereidingsvuren.
Het
regiment wordt bij legerdagorder vermeld en bekomt de toelating om den naam «
Passchendale » op de schilden zijner stukken te schrijven.
Den 13n
October stelt het zich op omstreeks Moorslede en neemt deel aan den aanval tot
verovering van Roeselare en van de laatste verdedigingswerken der
Flandernstellung. Te 5 u. 35 begint de stormloop der infanterie die den vijand
naar het Oosten achteruitdringt. Doch te Rumbeke maken de Duitschers front en de
eerste en de tweede groep helpen de 6e Infanteriedivisie om die
localiteit te vermeesteren, terwijl de derde groep den aanval in de richting der
Leie voortzet. Het regiment wordt omstreeks Ingelmunster weer samengebracht en
trekt onmiddellijk op naar Oostroozebeke om er de Franschen te steunen, die
trachten de Leie over te steken. De eerste en de tweede groep worden bij
legerdagorder vermeld en bekomen de toelating om den naam « Rumbeke » op het
schild hunner stukken te schrijven.
De 3-11
vervoegt zich bij haar groep en den 20n Octobcr neemt het regiment
stelling bij Zoetendaal, Ursel en Kleit, waar het de Ve Legerdivisie
moet steunen bij hare poging om het afleidingskanaal over te steken. Den 9n
September is het 18 A. te Zwartegat, ter beschikking der IIIe
Legerdivisie die over de Schelde wil trekken.
Den 11n
November stelt de wapenstilstand voorgoed een einde aan de krijgsverrichtingen.
Het
regiment keert terug naar Brussel.
Sedert
zijne vorming heeft het regiment 7 officieren en 71 manschappen verloren.