__________________________________
HARE GESCHIEDENIS
In 1914
bestond de Vestingartilerie der Versterkte Stelling Luik uit een Staf, 12
actieve batterijen die in de forten gekazerneerd waren, 4 reservebatterijen en
een depotbatterij.
Van 1 Augustus 1914 af telden de actieve eenheden hun volle oorlogseffectief; den 3n was het zoo eveneens in de reserve-eenheden.
Van 4 tot 16 Augustus 1914 werkten de forten in ruime mate mede aan de verdediging ven de Versterkte Stelling: de eerste twee dagen in samenwerking met de 3e Legerdivisie, later overgelaten aan zich zelf. Om ze te doen vallen was de vijand genoodzaakt een artilleriemateriaal aan te brengen van een reusachtig kaliber, vervaardigd in ‘t grootste geheim en waarvan de kracht zoo groot was dat de best gebouwde versterkingswerken onder zijne slagen moesten bezwijken.
De gemobiliseerde reservebatterijen van hun kant hielden de tusschenruimten tusschen de forten bezet, doch hebben in den strijd niet moeten tusschenbeide komen: zij trokken achteruit met de 3e Legerdivisie en werden op nuttige wijze gebruikt bij de verdediging van de Versterkte Stelling Antwerpen.
De 1e
batterij bezette het fort van Barchon van 4 tot 13 Augustus en onderscheidde er
zich op schitterende wijze. Den 13n, onder de heviger en heviger
wordende beschieting van het fort, was het personeel zoodanig uitgeput en waren
de verdedigingswerken en de bewapening zoo ver vernield dat het fort zich moest
overgeven. De vijand feliciteerde het garnizoen om zijn langdurigen en dapperen
weerstand.
De 2e
batterij bevond zich in het fort van Evegnée dat zich op 11 Augustus,
verpletterd als het was onder het vreeselijk vuur der vijandelijke artillerie,
moest overgeven.
De 3e
batterij hield garnizoen in het fort van Fléron dat meer dan 9 dagen lang een
hardnekkigen weerstand bood aan de aanvallen van den vijand. Den 14n
Augustus, toen het nog slechts puin was, moest het zich overgeven.
De 4e batterij was in het fort van Chaudfontaine. Na den vijand zware verliezen te hebben doen ondergaan, moest het zich den 13 Augustus overgeven: het telde ongeveer 70 dooden en meer dan 100 gekwetsten, onder welke de Commandant van het fort.
De 5e
batterij bezette het fort van Embourg dat zich op 13 Augustus moest overgeven,
wijl het niet langer kon weerstaan ten gevolge van de vernielingen en van den
toestand van het materiaal, dat door aanhoudende bombardementen buiten gebruik
was gesteld.
De 6e
batterij bevond zich in het fort van Bonceles, dat twee stormlopen van de
Duitschers afweerde en zelfs meer dan 100 gevangenen bemachtigde. Gansch
vernield en na tweemaal geweigerd te hebben zich over te geven, moest het op 15
Augustus zwichten.
De 7e
batterij maakte deel uit van het garnizoen van het fort van Flémalle. In den
voormiddag van 16 Augustus bleef er van al zijne artillerie nog slechts een
koepel van 5c.7 in dienst; verpletterd door het hevig vuur van den vijand en
aangetast door schadelijke gassen was het garnizoen genoodzaakt zich over te
geven.
De 8e
batterij van het fort van Lantin bood een hardnekkigen weerstand aan de
vijandelijke aanvallen, doch nadat het bombardement één voor één al zijne
verdedigingsmiddelen had vernield, moest het werk zich den 15n
overgeven.
De 9e
batterij overlaadde zich met roem in het fort van Loncin dat, inzonderheid den
15n aan een vreeselijk bombardement van 420 mm. granaten onderworpen,
zich moest overgeven na eene verdediging die de bewondering der gansche wereld
had gaande gemaakt.
De 10e
batterij bezette het fort van Liers dat door meer dan 4.000 projectielen
getroffen, weldra niet meer in staat was zich te verdedigen en zich dan ook op
13 Augustus moest overgeven.
De 11e
batterij bood in het fort van Pontisse een schitterenden weerstand aan den
vijand, doch den 13n werd het fort onder de 420 mm. granaten
verpletterd en moest het garnizoen zich overgeven.
De 12e
batterij van het fort van Hollogno gaf zich over op 16 Augustus, wijl al de
andere forten in de handen van den vijand waren gevallen.