TEN BOOME

WEETJES OVER BOOMSE BROUWERIJEN - BIEREN - CAFES
Gelegenheidsbrochure Open Monumentendag '94 door MARCEL VEREYCKEN
Op uitstappen met de vrienden hoort onafscheidbaar de zangstonde.
Telkens scheert het liedje van A. Preudhomme de hoogste toppen van
de hit-parade.
"In de Brugse catechismus staat geschreven kort en goed
dat men spijzen al wie honger en wie dorst heeft laven moet.
Pintje klinken, pintje drinken Jongens wat een zaligheid
Wij doen mede aan het tweede werkje van barmhartigheid Schuimend
biertje, wat pleziertje bruine buik met witte kol
kom Marleentje, tap nog eentje, vul de glazen boordevol. "
|
Is het dan verwonderlijk dat ik, ter gelegenheid van Open Momumentendag 1994,
even mijmer over de manier waarop vele nut standing Boomenaars, onze brouwers en cafébazen
"de dorstigen laven" begrepen en gerealiseerd hebben. Want Boom was een dorp van eminente brouwers,
stoere cafébazen en natuurlijk ook van stevige drinkers.
Brouwen zat eeuwenlang de Boomenaars in 't bloed. In 1627 vinden wij reeds de Brouwerij Lieve Vrouwe
"op den Amer, tegen de Steylse Kille"vermeld en even later ook de brouwerij " 's Graeven Amer".
'n Goede tweehonderd jaar later (1843) is het aantal brouwerijen opgelopen tot 17 eenheden,
die terug te vinden zijn onder soms wel een gewijzigde benaming.
1. Brouwerij De Rolaf
2. Bier- en Azijnbrouwerij F. Eyckmans
3. Brouwerij De Boeck
4. Brouwerij Ch. Rijpens
5. Brouwerij J. Reyniers
6. Bier- en Azijnbrouwerij W. Van Reeth
7. Brouwerij J. Van Reeth
8. Brouwerij Huybrechts
9. Brouwerij J. Lamot
10. Bier- en Azijnbrouwerij F. Mertens
11. Brouwerij Ed. Lamot
12. Brouwerij F. Steenackers
13. Brouwerij A. Van den Bril
14. Brouwerij Lamot-Rijpens
15. Brouwerij R. Scheil.
16. Brouwerij Wwe. A. Sel
17. Brouwerij E. Reyniers
18. Brouwerij F. Maes
19. Brouwerij Gebr. De Wachter
20. Brouwerij G. Van Crombruggen
21. Brouwerij kinderen Maes
22. Brouwerij gebroeders Sel
23. Brouwerij J. Hubert
24. Brouwerij De Kepper
|
Wanneer onder druk van de omstandigheden op 30/1/1897
de brouwersbond van Boom en Omliggende Plaatsen wordt opgericht,
vinden wij vele van deze brouwerijen terug als leden van den Bond.
We kijken even de tekst in van de bijeenroeping van alle Heren
Brouwers van Boom en 't verslag van deze vergadering.
Brouwersbond van Boom en Omliggende Plaatsen. gesticht 30/1/1897.
Aan al de heren Brouwers van Boom,
Wij verzoeken Ued. de vergadering te willen bijwonen op
maandag 1 februari om 7 uur 's avonds bij den heer S. Steenackers.
Aanvaardt Mijnheer onze beste groeten,
Geteekend : G. Huybrechts Adolf Lamot, Louis Lamot.
Verslag der zitting van 1 februari 1897.
Mr. G.Huybrechts opent de zitting, na enige woorden van dank
aan de Heeren Brouwers voor hun algemene opkomst doet hij het
doel van de vergadering kennen.
Verschielige brouwers verkoopen te Boom sedert eenigen tijd
het bier aan mindere prijzen namelijk de ton Faro aan 18 Franken
en de ton Halve Gersten aan 12 Franken.
Deze afslag welke weldra algemeen zou worden zoo wel voor
de Burgerskalanten als voor de herbergiers zou de grootste
verliezen aan de Brouwerij doen ondergaan.
Zijn de Heeren Brouwers van gedacht om aan de verminderde
prijzen blijven te leveren?
Eenparig is de vergadering van gevoelen deze fout nimmer te
begaan en de oude prijs te houden zoowel voor verplichte als
onverplichte kalanten.
Zijn er herbergiers welke zouden voortgaan zich te voorzien
van bier aan mindere prijzen zoo zal men hunne namen bekend
maken om hen aldus te dwingen hun bier van mindere kwaliteit
af te slagen voor de verbruikers.
Deze afslag welke niet minder als 2 centiem per halve lieter
zou kunnen bedragen zou een vermindering van 6 Franken per
ton Faro daarstellen tegen 2 Frank afslag per ton van wegens
den Brouwer of een verlies van 4 Franken voor den Herbergier.
Deze beweegreden bekend maken vindt men hoogst noodig en van
allergrootst nut.
Een lid zegt dat sommige Brouwers voor een som van vijftig Franken
tussenkomen in het te betalen recht voor den Genever.
Dit gaat gelijk met een afslag van bier en is daarenboven af te
keuren voor een Brouwer die aldus den verkoop van den Genever
aanmoedigt.
Al de aanwezigen zijn het eens om te verklaren dat zulks niet meer
mag geschieden van den oogenblik dat zooals nu dat men over een
dezelfde prijs is overeengekomen.
De vergadering is van gevoelen dat het nodig is zoals de andere
nijverheden doen een associatie van Brouwers te stichten,
alle soortige gevallen kunnen zich voordoen waarvoor eene algemene
verstandhouding der Brouwers noodzakelijk is onder andere de
kwestie van den draf: deze dreigt een groote concurrent te krijgen
in den Pulp.
Een voorlopige Commissie wordt gevormd bestaande uit de drie Heren
ondertekenaars der eerste bijeenroeping
Mr Gustaaf Huybrechts, voorzitter,
Mr Adolf Lamot en Mr. L.Lamot, secretaris.
Volgende brouwerijen sloten in 1897 aan als leden van de
Brouwersbond van Boom en omliggende plaatsen.
BROUWERSBOND VAN BOOM EN OMLIGGENDE PLAATSEN. GESTICHT IN 1897
L E D E N L I J S T
-------------------------------------------------------------
BOOM
HUYBRECHTS
Gustave
Tuyaertsstraat
LAMOT
Louis
Veerdam ( Kaai )
LAMOT
Adolf
Kerkstraat
VAN DEN BRIL
Alfred
Grote Markt
BRIAT
Emiel
LAMOT
Herman (later Jos. LAMOT)(Hubert)
STEENACKERS Albert
DE KEPPER-REYNIERS Emiel
Vrijheidsstraat(nu Col. Silvertopstraat)
VAN REETH Casimir & Emiel
Antwerpsestraat
MAES Henri
Hoek
SEL Michel
Vrijheidstraat
De BOECK Jules & Edmond
Antwerpsestraat
VAN CROMBRUGGEN Gustave
Kerkstraat
DE WACHTER Gebroeders
Molenstraat
|
NIEL
D'HOOGHE
MEVROUW LAMOT
DE SMEDT-LAMOT
|
RUMST
VAN DEN WIJNGAERT
NAGELS
VERREPT
|
TERHAGEN
DE BEUKELAER
LOUIS LANDUYDT-SOMERS
SWENDEN
|
WAARLOOS
MAES GEBROEDERS
SPRUYT
|
KONTICH
HUYBRECHTS
VAN BREEDAM
|
EIKEVLIET
VAN HOOYMISSEN Désiré (later MOMROY)
VERSTRAETEN JAN
GENIETS
|
BLAESVELT
VAN ROY ( VAN ROEY ?)
VAN DEN BOGAERT
|
WILLEBROEK
MERTENS Emiel
LAMOT Désiré
VAN DEN BOGAERT
DE JONGHE Edgar
MINAZIO
|
ST.AMANDS
Reyniers Joseph
|
HINGENE
Van Kerckhoven Roelandts
|
AARTSELAAR
Van Brandt
De Boeck
Pauwels
Francis
|
REET
De Meulder
Pharazyn
De Weerdt
|
SCHELLE
SCHOESETTERS
Wachters
|
HEMIKSEM
Boey Louis
VAN CONINCKXLOOY
SEELDRAEYERS
VERBEECK
LES BRASSEURS REUNIS (soc.coop.)
|
Vermeld zonder gemeente
SPRINGAEL April 1897
VLOEBERGHS 1923
CUYKENS 1/5/97
DE MEYER Leon 1/5/1897
VAN DER MEIR 5/6/1897
|
De voorlopige Commissie, aangewezen op de vergadering van 1.02.1897
,leverde flink werk en verkreeg op de algemene vergadering van
03.04.1897 de goedkeuring van het Reglement van den Brouwersbond
van Boom en omliggende plaatsen. Het reglement, gedrukt bij de
Drukkerij van E.J. Olbrechts, Hoogstraat 8 werd in boekvorm
uitgegeven, bevatte 7 hoofdstukken, 28 artikelen en 10 wijzigingen.
Na 10 jaar werking van de bond werd volgend aktiviteitsverslag
voorgelegd
Boom, 1 Februari 1907
Verslag der werkzaamheden van den Bond gedurende de 10 jaren
periode van 1/2 1897 tot 1907.
----------------------------------------------------------
Mijnheeren,
Bij den aanvang van dit verslag, acht ik het mij als een ware
plicht een welverdiende hulde te brengen aan de nagedachtenis van
de leden welke de onverbiddelijke dood heeft ontnomen gedurende
ons tienjarig bestaan.
Wij hadden vooreerst in 1900 het verlies te betreuren van den
Heer Emile Briat medestichter van onzen bond. Kortelings na den
dood van den Heer Briat, in 1901 werden wij in den rouw gedompeld
door het afsterven van den Heer D'Hooge van Niel, ondervoorzitter.
In 1903, werd den heer Van Brandt van Aertselaer, bestuurslid van
onze Associatie, ons ontrukt.
Het waren drie van onze getrouwste en beste leden. Na het vervullen
van deze droeve plicht, gaan wij over tot het ontstaan van onzen
bond.
Den 1° Februari 1897 over tien jaren dus, bijna dag op dag
vergaderden voor de eerste maal de Boomsche Brouwers! Het was een
algemeene jammernis van klachten: de eene confrater verkocht
de ton faro aan 19 fr, de andere aan 18 fr, een derde had zelfs
den prijs van 17,50 fr, toegestaan, de halve gersten werd verkocht
tot aan 12 fr in plaats van 14 fr.
Op de vraag of men op deze noodlottigen weg ging voortgaan en
de Brouwerij tot den ondergang veroordeelen werd eenparig besloten
tot de oude prijzen terug te komen en dezelfde te handhaven.
De Herbergiers zou men overtuigen dat hun belang was, bieren van
goede hoedanigheid in te nemen, dat ten andere, het verkoop van
bieren van mindere kwaliteit aan verminderde prijzen, ook een
afslag voor den verbruiker zou veroorzaken, en ten laatste nog een
verlies voor hun, zou daarstellen. Het stichten van eene
Brouwersassociatie werd dan ook beslist; het doel zou zijn:
het standhouden der prijzen van het bier en de verdediging der
algemeene en plaatselijke brouwersbelangen.
De herbergiers zoowel als de Brouwers verstonden nog al wel
hunne ware intresten!
Aangemoedigd door dezen uitslag, noodigden wij de confraters
van den omtrek uit op eene Vergadering gehouden den 27 Februari
1897: de besluiten genomen door de Boomsche Brouwers werden
bekractigd.
In zitting van 3 April, werd een bestendig bestuur gekozen en
het reglement aangenomen,het getal leden beliep toen 27.
De nieuwe maatschappij vergaderde in den beginne bijna maandelijks.
Opsommen wat al nuttige instellingen en verbintenissen er tot
stand kwamen zoude ons te ver brengen, vergenoegen wij ons met
de voornaamste aan te stippen:
--De verbintenis aangegaan(door het teekenen van 2 wissels en
blanc) geen bieren aan verminderde prijzen te leveren, op straf
van eene boete van 100 franken.
--De inrichting van den Zwarten Boek voor het inschrijven der
slechte betalers.
--De aankoop in het gemeen van hop en klaarsel.
--De verbintenis van geene bieren te leveren in elkaars
verplichte herbergen op straf van boet.
--Het contract aangegaan met " La Continentale " en later met
"La Caisse Patronale" voor de verzekering der werklieden en der
rijtuigen.
--Het akkoord voor het geven der nieuwjaars.
--Het verdrag om den inhoud der tonnen te bepalen op 165 liters
met 3 liters tolérance.
--De aanstelling van den heer Constant Rossaert voor het
achterzoeken der slecht betalers.
--Het verwittigen der confraters door gedrukte postkaarten bij
't ontdekken van achtergebleven vaten.
--Den opstel en uitgaaf van een werkplaatsreglement.
--Den uitleg nopens de comptabiliteit der ledige vaten.
--In 1901 stemde de Bond zijne aansluiting bij de algemeene
Brouwersvereeniging van Belgie en nam aldus een werkelijk deel
aan al de groote vraagpunten welke de Belgische Brouwerij
bezig hield: onze voorzitter den Heer Gustaaf Huybrechts werd als
afgevaardigde bij de Algemeene Brouwersvereeniging aangeduid.
--De Brouwersbond hield eene bijzondere vergadering waar al de
Brouwers van den omtrek uitgenoodigd waren tot de bestrijding van
de inkomrechten op het mout, gerst en hop, een petitie werd
verzonden en kennis werd er van gegeven den Heer Van Reeth,
volksvertegenwoordiger van BOOM, den Heer Lefebre,
volksvertegenwoordiger van Mechelen werd insgelijke aangesproken.
--Wij teekenden verzet tegen der glazen, den taks op de densiteit.
--Wij vroegen de uitbreiding der bevoegheid der rechters tot de
handelszaken van min als 300 Fr waarde, en eindelijk stemden eene
bijdrage voor de Huldebetooging Tack, voor de collectiviteit der
Luiksche tentoonstelling en voor de opbeuring der Belgische
Hopkweeking!
Op wetenschappelijk gebied bleef onze Vereeniging
ook niet ten achter: acht conferencies werden er gegeven: zoo
hadden wij het genoegen den heer Van der Hullen, Bestuurder der
Brouwersschool van Gent te hooren over de Verzekeringsmentaliteiten.
De Heer Siret, van Antwerpen sprak over de Elektriciteit. De Heer
Prosper Callebaut van Aalst over den Maïs.
De Heer Arthur Van Roost van Werchter over de Sucre Interverti.
De Heer De Smet, leeraar over: Het Brouwen.
De Heer Miserez, Staatslandbouwkundige, over de Belgische Hop.
De Heer Jacques Tonnaer, Brouwersingenieur over het gebruik aan
het vergunningsrecht, de ijking nieuwe herbergen, het minimum van
aan de Brouwersschool van Gent van den maïs.
De Heer Verfaillie, scheikundige der Brouwersvereeniging van
Antwerpen over het Brouwen en het drijven van het bier.
Ten einde aan de vooruitgang van de Brouwerijwereld deel te nemen,
richtte de Brouwersbond verschillende uitstappen in welke allen
een leerrijk doel hadden. In 1899 deden wij een reisje naar
Aalst-Hekelgem om de Aalstsche hopbeplanting te gaan bezichtigen,
in 1900 naar Aalst en het hopkwartier, ten einde een brouwsel met
maïs vervaardigd te gaan bijwonen bij den heer Van der Schueren,
en de hopstreek nogmaals te bezoeken. In 1900 namen wij met onzen
drapeau, in groot getal deel aan het Brouwerscongres Franco-Belge
te Parijs. Talrijke vrienden (we waren wel samen met 30)
vergezelden ons om de Wereldtentoonstelling te bezoeken. In 1902
bezochten wij Kortrijk, Harelbeke, de bakermat van den Genialen
Peter Benoit, Vlamertinghe, Yperen, Veurne en Oostende, het land
der Poperingsche hop, de brouwerijen Pollet, De Coninck en Dubois.
In 1903 gingen wij een brouwsel met den filterpresse gemaakt,
bijwonen bij den heer Van den Schriek te Thienen, doorliepen de
werkhuizen Gilain en reisden verders naar Luik en Seraing alwaar
wij een bezoek brachten aan de werken der aanstaande
tentoonstelling, aan de Brouwerij Ortmans, en aan de werkhuizen
Cockerill. Wij werden op bijzondere, gulhartige wijze, ontvangen
door onze Luiksche Confraters ! In 1904 beantwoorden wij aan de
uitnoodiging der Brouwersvereeniging van Gent om aldaar de
Beurshop-tentoonstelling te komen bezichtigen, het werd ons
ingsgelijks toegelaten de Brouwerijen American, Leclerq en
Verhulst en de Brouwersschool af te zien. In 1905 namen wij met
onzen Bond deel aan het Congres van Luik.
De Heer De Keersmaeker van Wolverthem ontving ons insgelijks dit
jaar om zijne drijfkuipen te toonen en ter gelegenheid van onze
jaarlijksche algemeen vergadering, brachten wij een bezoek aan de
maïs en bloemmolens van den Heer Camille Rypens. In 1906 woonden
wij de Hopmarkt van Assche bij en bezochten de Brouwerij van
den heer Dubois van Lebbeke.
Het aangename werd zoomin als het nuttige in onzen bond
verwaarloosd: de boog mag immers altijd niet gespannen staan!
Elk jaar werd gesloten met een banket waar de grootste vreugde
maar ook de beste eensgezindheid heerschte en welk voorzeker
bijdroeg tot de goede overeenkomst tusschen de Confraters.
Gij komt te bestatigen, Mijnheeren, dat uwe Bestuur, gedurende dit
tienjarig tijdstip niet onledig is gebleven: dit is te danken aan
onzer ieverigen voorzitter, den Heer Gustaaf Huybrechts die zich
altijd heeft beijverd om voor onzen bond nieuwe leden bij te
werven en zoo veel nut en verzet mogelijk te verschaffen!
Trachten wij zijn voorbeeld te volgen, Mijnheeren, en ieder in het
bijzonder te werken, opdat de eenige confraters die onzen bond
verlaten hebben, of welke er nog geen deel van gemaakt hebben,
weldra onze rangen komen vervoegen. Wij hebben ondervonden wat
wij waren afgezonderd en wat wij kunnen vereenigd: elders ook
zijn daar lessen uit te trekken. Ik las onlangs in eenige nota's
door den heer Grosfils zoon, geschreven, over zijne omreis in
Duitschland en Oostenrijk het volgende:
--A Munich les grandes Brasseries qui se faisaient sur place,
une concurrence néfaste, se sont syndiquées et ont admis un
règlement qui A pur but d'abolir les principales concessions
qu'ils faisaient à la clientèle. Bien leur en a pris, car les
bénéfices qu'ils en ont retirés sont importants et la clientèle
continue à leur rester fidèle.
A Vienne, eest comme en Belgique, 1'entente fait complètement
défaut: malgré les droits de fabrication élevés, tous les
brasseurs se disputent la clientèle à coups de billets de mille
florins et par 1'octroi de concessions sur concessions. On me cite
deux Brasseries qui font le même bénéfice aves une production
Tune de 200.000 hectos, l'autre avec une de 80.000 hectos.
La moyenne de l'argent prêté A la clientèle s'éleve A Vienne A 10
p. c. du prix de vente de la bière, aussi les plaintes sont-elles
générales.
Hadden wij over tien jaren ons niet vereenigd, het verlies door
onze nijverheid geleden zou onberekenbaar zijn! Voor de toekomst,
Mijnheeren, vergeten wij nooit de waarheid van onzen schoone Vader
landsche leuze: Eendracht maakt macht!
Louis Lamot.
De bond ijverde verder, tot nut van 't algemeen der Brouwerijen. Maar grootheid en verval beloeren elkaar. Met het
stilaan verdwijnen van de brouwerijen, verminderde ook zijn belang.
Hij stierf dan ook een stille dood.
Van alle deze boomse brouwerijen kunnen wij spijtig genoeg de
geschiedenis nog niet maken. Van twee bekende brouwerijen echter
serveren wij u volgend relaas.
De heer Etienne Maes komt als eerste aan de beurt. Hij doet zijn
verhaal van de brouwerij " Het Anker ".
BROUWERIJ " HET ANKER ".
------------------------
Etienne MAES
De familie Maes was eigenaar van een kleine steenbakkerij zoals er
in de streek tientallen bestonden. Veel nieuwbouw was er niet en
anderzijds werd er getracht de bestaande bedrijven te vergroten.
De familie zag echter meer heil in een brouwerij dan in een
steenbakkerij en zo startte "het Anker" omstreeks 1870.
Met materiaal van de eigen steenfabriek werden café's en de
brouwerij opgetrokken in de Hoek aan de Spillemaeckerslei of zoals
in de volksmond de "Fleskeslei". Vader en 3 zonen
(Florent-Arthur en Henri) runden de zaak.
Een andere broer (Charles) ging zijn eigen weg.
Er waren toen te Boom 14 brouwerijen, ieder met zijn eigen biersoort.
Wel bestonden er afspraken wat de verkoopprijs betrof.
Tijdens de Eerste Wereldoorlog draaide alleen " Het Anker"
als grootste brouwerij van Boom. De anderen hadden hun koperen
ketels moeten inleveren aan de bezetter zodat zij om beurt
een brouwsel kwamen stoken. Toen de mouterij afbrandde, had Henri
zich reeds uit de zaak teruggetrokken en wanneer in 1928 ook
Florent overleed, bleef alleen Arthur met de weduwe van Florent
nog over. Er werd toen een overeenkomst gesloten met de
Anderlechtse brouwerij " IMPERIAL" waar de zoon van Arthur als
chemist werkzaam was. Exki-pils-Peerdje ( Horse Ale) - stout en
scotch werd daarvan betrokken.
Limonade, met de bekende bierglazen knikkers, werd tot voor de
Tweede Wereldoorlog aangemaakt. Een nieuwe wet op de gezondheid
zou ook hieraan een einde maken. De gewitkalkte en geteerde muren
moesten alle met steentjes worden bezet en voor een
limonadefabrikatie was deze investering te groot.
Tot 1970 draaide het bierstekersbedrijf. Toen werden (behalve
de brouwerij) alle eigendommen overgemaakt aan de toenmalige
brouwerij Lamot, (De Rolaf). Het Anker werd afgebroken en de
grond verkocht aan de scheepsbouwer de heer Eduard Vennekens.
Een gedeelte tegen de Rupel en een stuk tegen de scheepswerf was
vroeger reeds verkocht aan de heer De Wachter die de werf ook
wenste te vergroten.
Bij de afbraak stelde men vast dat de dakgebinten en de
dwarsbalken (40 x 40 x 800) met houten kallen waren aan elkaar
gezet. De grote Boomse pannen droegen nog de stempel
MS (MaesSpillemaeckers). Het materiaal werd verkocht en
15 fermettes met 100-jarige steen werden hiermee opgetrokken.
|
Als tweede in de rij, komt de brouwerij " Lamot ltd".
We laten Dhr. Hubert Laureyssens, Directeur op rust, aan 't woord.
BROUWERIJ LAMOT ltd.
Hubert LAUREYSSENS.
De brouwersfamilie Lamot heeft meer dan waarschijnlijk haar roots
te Willebroek. Noch Jan Lamot, noch zijn zoon Henri noch zijn
kleinzoons Henri en Guillaume werden in Boom geboren.
De achterkleinzoon Petrus echter werd op 16.7.1715 te Boom geboren,
huwde op 15.10.1747 met Maria Catharina Hellemans, woonde Rue du
Jardin Vert n°1 (au Veerdam), waarvan hij eigenaar was zowel als
van het café De Rolaf. Hij stierf te Boom in 1796.
Petrus Lamot had 3 kinderen : Gulielmus, Petrus Jacobus en
Jan Baptist. Petrus Jacobus, geboren te Boom op 4.12.1758,
van beroep caféuitbater, daarna brouwer, was eigenaar van
café de Rolaf, met aanpalende huizen en terreinen. Hij is het die
in 1801/1802 de brouwerij bouwde. Hij overleed op 3.10.1810.
Zijn broer Jan Baptist (°17.5.1761) kocht van de kinderen en
erfgenamen van Petrus Jacobus de brouwerij de Rolaf over.
De oudste zoon Joannes Baptist ( uit het 2e huwelijk van zijn
vader met Caroline Van Schooten) werd de volgende brouwer van
De Rolaf, terwijl zijn oudste broer Minard Richard samen met
zijn kozijn Jean Charles Lamot de brouwerij De Kroon kochten in
1855.
Hun jongste zuster Joanna Constance (°19.8.1828) werd de volgende
eigenares van De Rolaf. Zij huwde op 10.9.1864 met Gullielmus
Eduard Lamot, haar kozijn. Uit dit huwelijk werden Louis Lamot
(13.12.1867) en Richard Lamot ( de latere pastoor van Waarloos)
geboren.
Louis Lamot, die huwde met Em. Van den Bril, had 6 kinderen
waarvan Mr. Julien en Mr. Willy de meest bekende waren op de
brouwerij. Mr. Willy specialiseerde zich in het aankopen van de
hop en was bijzonder knap in het determineren van de luculine
hoeveelheid in de hopbellen. Hij lag ook aan de basis van 't
gebruik van Kentse hop in Lamot-bier.
Het is algemeen geweten dat de brouwerij zowel putwater als
rivierwater gebruikte voor haar brouwsels. Dit was ten andere
vermeld in het brouwselboek. Zo staat in dit brouwselboek,
brouwsel n°253 van woensdag 10.12.1913 ingeschreven door meester
Brouwer Frans Lodewijckx, als laatste brouwsel waarin rivierwater
werd gebruikt.
Frans Lodewijckx bleef tot bij zijn pensioen in 1930
meester-brouwer bij Lamot. Deze jonge Bomenaar volgde op raad van
Mr. Lamot de brouwerijschool te Gent. In alle eenvoud drukte hij
zijn kennis als volgt uit:
Met veel goed, veel goed maken, kan iedereen.
Maar met weinig goed, veel goed maken, dat is de kunst."
Frans Lodewijckx was niet alleen meester-brouwer.
In zijn vrije tijd ontpopte hij zich tot een gewaardeerd
kunstschilder. Bekend waren vooral zijn muurschilderingen zowel in
zijn huis (Antwerpsestraat) als bij zijn schoonzus,
(toevr. Lodewijckx-De Wit) Spijtig genoeg werden deze bij
verbouwingswerken vernield.
Van zijn hand is ook een schilderij die het volledig brouwerij
complex voorstelt. Herberg, brouwerij en meesterwoning,
geschilderd tussen 1907-1913. Deze schilderij kreeg na het
overlijden van Mr Willy op 20.4.1992 een ereplaats in de woning
van zijn oudste zoon Jean-Louis Lamot te Lasne.
Na het pensioen van Frans Lodewijckx werd Louis Van Gompel
meester-brouwer te Boom. 'n Pittig detail uit de carrière van
Louis was het feit dat hij uitgerekend op 1 mei 1930 zijn eerste
brouwsel stookte met als gevolg dat hij niet kon opstappen in de
1 meistoet.
Geschiedenis van Lamot Ltd.
Louis Lamot, die op dat ogenblik reeds een associatie had met de
Brasserie de La Couronne en de Brasserie de La Plaine stichtte in
1927 met zetel te Londen " Lamot Ltd ". De hoofdzetel zal tot 1932
in Londen blijven.
Louis Lamot stichtte "Lamot Ltd" te Londen zonder de meerderheid
der aandelen te bezitten. Deze meerderheid was in handen van
Engelse kapitalisten en kleinere beleggers. Door toedoen van
bankdirecteur Camille Verheyden werden stuk voor stuk aandelen
aangekocht op de Engelse beurs. In 1932 kon Louis Lamot de
hoofdzetel van Lamot Ltd naar Mechelen overbrengen.
Na zijn overlijden in 1943 ging stilaan de verstandhouding tussen
zijn kinderen verslechteren: zij waren jaloers op elkaar omwille
van 't feit dat de een meer aandelen bezat dan de andere.
Op 3/9/1970 kocht Bass Charrington, een Engelse groep,
de totaliteit der aandelen van de kinderen Lamot op en werd de
grote baas. In januari 1971 werd het laatste brouwsel te Boom
gestookt.
Na Bass Charrington ging de brouwerij over in handen van de
brouwerij Piedboeuf, die op haar beurt opgeslorpt werd door
de gigant Interbrew.
Fondation Louis Lamot.
Uit eerbied voor zijn vader Louis Lamot schreef Mr. Willy Lamot
in zijn testament een bedrag van 20.000.000 Bfr. in voor de
oprichting van " La Fondation Louis Lamot". De statuten van
deze Fondation verschenen in het Belgisch Staatsblad van
28.01.1993 onder de rubriek verenigingen zonder winstoogmerk
Akte n°977 (SC-18.435)
|
DE KERKHOFSTRAAT
Brouwen is goed, maar er moet ook gedronken worden.
Als er nu één straat is in Boom die de eer gehad heeft het meest
aantal café's op haar straatlengte te hebben geherbergd dan is
dat wel de Kerkhofstraat.(om de mensen te troosten).
Niet minder dan 34 drankgelegenheden maakten dat de Kerkhofstraat
de "pole position" innam.
Wie herinnert zich nog die 34? Mevrouw Celine Van Aken kon de
ganse serie nog te voorschijn toveren
We vertrekken aan de Varkensmarkt en rekenen dus
't café van de Raeymaecker niet mee.
Kerkhofstraat(bron:Postkaartenarchief gemeente Boom)
1. Café Centrum (Duivenbond)
2. Miel De Saeger
3. Staaf Lamoen
4. Jeng van de Rotte ( Eyckmans)
5. Jef Kennes (Doelschutters) In de Wip ?
6. Mil Van de Gillaö
7. De Witte Van Leuven ( In den Duivenbond)
8. Zwart Liezeke
9. Van der Donck
10. Witte Thys
11. De Fremmer
12. Lotje
13. Van Camp - Pe Van De Juge
14. Linneke Fordel
15. Tille de Rotte (De Wit) Zwarte Tille
16. De Wilde Man
17. De Matié
18. Tille De Blaer
19. Roos De Ritser
20. Witje Lemmens
21. Leon Van Aken
22. Rikske De Mandy
23. Manke Frans
24. Anna Van den Boest ( De Herdt)
25. Segers
26. Finneke Van den Berling
27. Staf Snoekske
28. Tille van Dyck
29. Schele De Wit.
30. De Rosse Garde
31. Frans de Bruyn
32. Jaak De Kette
33. Jan van Kontje
34. In de 34e
Waar is den ouderen fierheid heengevaren ?