TEN BOOME


Voorwoord , Neerlanden parochieregisters 1500-1800

Neerlanden is misschien qua oppervlakte niet groot. Toch kent dit kleine dorp een zeer rijke geschiedenis. De inwoners hebben in de loop der eeuwen vele oorlogen en tegenslagen moeten doorstaan. Telkens er een oorlog woedde in de streek moest Neerlanden het ontgelden. De huizen en voorraden werden geplunderd. 

Dit was niet anders in de zomer van 1693, toen de slag van Neerwinden volop aan de gang was. De pastoor schreef: AIn juli 1693 troffen zich Franse en Anglo-Nederlandse legers aan de boorde der Gete. Bloedige slag van Neerwinden tussen de Hertog van Luxemburg, opperbevelhebber der Fransen, en Willem III, koning van Engeland. Na groot verlies behielden de Fransen het veld.

Het zijn zulke aantekeningen die het bewerken van de parochieregisters van Neerlanden zo interessant maken. Dit boek bevat dan ook niet enkel een opsomming van namen, maar wordt geïllustreerd door talloze details, die ons een beeld geven van de levensomstandigheden door de eeuwen heen van de bevolking van Neerlanden.

Ook de jaargetijden[1] bezorgen ons een schat aan informatie. Naast de zeer grote genealogische waarde die deze jaargetijden bevatten, wordt in vele gevallen de woonplaats beschreven van de stichters. Voeg hierbij het gegeven dat deze jaargetijden uit de zestiende eeuw dateren, dan hoeft het verder geen betoog om het belang hiervan aan te tonen.

Het raadplegen van de microfilm van de parochieregisters is echter geen sinecure. Een zeer onvolledige klapper en de allesbehalve chronologische samenstelling van de microfilm zijn daar zeker niet vreemd aan. Meteen weet u ook de reden waarom ik deze parochieregisters bewerkte. Met name de historische waarde en de zeer moeilijke raadpleging van de microfilm.

Wat deze parochieregisters ook onderscheidt van de meeste andere is de lange periode die ze beslaan. Je vindt er gegevens gaande van de vijftiende tot de negentiende eeuw. De oude parochieregisters werden meerdere malen overgeschreven door diverse pastoors. Daar waar men het origineel met het overgeschreven gedeelte samen heeft gefilmd, kon ik vergelijkingen maken. Ik kwam zo tot de vaststelling dat er vele fouten werden gemaakt. Niettemin vergemakkelijkte dit mij de leesbaarheid van de akten.

Het boek is vrij makkelijk te raadplegen. De families zijn alfabetisch gerangschikt. De familienamen komen in de registers op diverse schrijfwijzen voor. Ik heb er voor gekozen de meest gangbare naam te hanteren en de afwijkende vormen vast te leggen als aliasnamen.  Bij de doop-en huwelijksgetuigen zal je dikwijls een verwijzing vinden naar hun woonplaats . Dit kan in vele gevallen een link zijn naar de herkomst van de families. Regelmatig werd de verwantschapsgraad vermeld. Dit schreef de pastoor soms in het Latijn. Om je hier bij te helpen kan je een schema raadplegen op blz. 367.

 Op blz. 344  kan je een index raadplegen. Deze index bevat aliasnamen, beroepen en plaatsnamen. In deze index zijn de beroepen en plaatsnamen van de doop-en huwelijksgetuigen niet opgenomen.

Een vraagteken staat voor onbekend. In een apart hoofdstuk op blz. 349  kan je een tabel raadplegen gerangschikt op de familienaam van de vrouw.

Bij het raadplegen van dit boek moet je toch wel met enige omzichtigheid te werk gaan. Neem deze gegevens niet voor de vaste waarheid aan. Een zichzelf respecterende genealoog moet steeds de originele bron raadplegen. Vat daarom dit boek op als een leidraad. Alhoewel ik zeer voorzichtig ben geweest met de samenstelling van de gezinnen ga ik er toch van uit dat er hier en daar een foutje zal gemaakt zijn. Deze raad is trouwens van toepassing voor alle bewerkingen.

Niettemin hoop ik toch een belangrijke bijdrage te hebben geleverd aan de geschiedenis van Neerlanden.

Ik wil in het bijzonder An Sevenants bedanken van het provinciaal trefcentrum Rufferdinge in Landen. Zij is mij erg behulpzaam geweest met deze bewerking. Mijn dank gaat ook uit naar Jos Vrancken in Landen aan wie ik de zeer mooie  illustraties te danken heb.      

Marc Verlinden

maart 2000



[1] Een mis die wordt opgedragen n.a.v. de verjaardag van iemand zijn dood. Hiervoor diende de stichter van het jaargetijde of diens nazaten jaarlijks een vergoeding te betalen aan de kerk. Dit was meestal een deel van de oogst maar dit kon ook het schenken van een stuk land zijn.