TEN BOOME

ZJEFKE VAN DE ZJOLOZJIE
copyright
Alex Vinck (+ 10 februari 2007)en WECK, feitelijke vereniging.
Foto's:
Zoo Antwerpen
In
1843 werd de Antwerpse dierentuin gesticht. Eén van de dringendste taken van de
beheerraad was het zich aanschaffen van dieren.
*
Toen
het vrachtschip “Magellaan”, met als kapitein Meyer, terugkeerde van een
reis naar West-Afrika had het –naast zijn normale vracht- exotische vogels aan
boord en … een negerslaafje van ongeveer 10 jaar oud. De kapitein had het kind
gekregen aan de kust van het huidige Nigeria en schonk het negertje aan de Zoo
van Antwerpen.
(bron:
website van de Stad Antwerpen).
*
Zodra
kapitein Meyer met het vrachtschip “Magellaan” in de haven was binnen
gelopen, stopte hij de exotische vogels in een kooi, hing deze aan een
stok en legde de stok met de kooi over de schouder van het zwart manneke en riep
“Voorwaarts”. Zjefke ging van de
Kaai over de Zeeuwse Korenmarkt naar de Grote Markt, voorbij de toren, langs het
beeld van Rubens, over de Meir en de
Vestingbrug, recht naar de Dierentuin. De kleine had zijn boloogskens
gespalkt als gingen ze uit hun hol springen, zo verrassend kwam hem alles
onderweg voor. Verbouwereerd keek hij rond, als bevond hij zich in een andere
wereld. De voorbijgangers hadden pret met de jonge knaap met zijn kroezelkop en
zijn zwarte kleur en met de kooi met krassende en kwakende vogels op zijn rug.
Hij werd opzichter van de exotische vogels maar –het hoeft gezegd- als
bezienswaardigheid overtrof hij de
tentoongestelde dieren.
(bron:
het programmaboekje van “De Nacht van de brandende Apen” van Tone Brulin. De
Hollandse theatergroep “De Nieuw Amsterdam” voerde in Antwerpen tijdens het
seizoen 1990/91 het toneelstuk op. Ik was er op aanwezig.)
*
Op
10 februari 1846 werd het negerslaafje gedoopt in de Sint-Willlebrorduskerk in
Antwerpen en kreeg als naam Jozef Möller. Zijn roepnaam werd Zjefke (Jefke).
Toen
Jefke Jef geworden was zocht hij vertier in de louche wijk achter de
Carnotstraat. Hij raakte bevriend met een prostitué (die officieel als meid
stond geboekt), werd er op verliefd en
trouwde met haar op 9 mei 1860. De bruid was Joanna Catharina Claes (roepnaam
Katrien), een echte Boomse, hier geboren op 1 januari 1836.
(bron: registers van de burgerlijke stand van de gemeente Boom).

Het
huwelijksfeest van “Zjefke” en
“Katrien” was op koninklijke voet ingericht. Zijn getuige Vekemans had de
bruiloftskosten op zich genomen; zijn voedstervader Kets (de directeur van de
Zoo) en zijn peter Baron de Caters hadden diep in hun
tesch getast en er een milde gift voor het bruidspaar uitgehaald; de overige
bestuursleden zorgden voor huisraad. In
de Sint Willebroduskerk was een dienst met drie heren gevierd en de bevolking
van de buitenwijk was getroffen door de stichtende houding van de zwarte
bruidegom en de blanke bruid. Aan de feestdis “In de Apentuin” (het feest
had dus plaats in de Zoo) tafelden veertig genodigden. Nooit van hun leven
woonden ze zo’n lustig feest bij. Bij ’t nagerecht bood de voorsnijder een
grote taart aan Jefke. Toen hij het deksel van de doos nam vlogen er twee duiven
uit, een zwarte duiver en een witte duivin. Daarna hield men de bruid een
pastei, d.i. volgens Van Dale “een gebak
van fijn deeg gevuld met gehakt, gevogelte, enz…” voor en wanneer die
openging kwam Jefke er uit in zwarte chocolade en Katrien in wit suikergoed. En
tot in de hof weerklonk een bruidslied, dat het kristal van de schuimende bekers
deed trillen.
(Bron:
“Plezante mannen in een plezante stad,
Antwerpen tussen 1830/1880”, Edward Poffé, uitgeverij Buschmann, 1913”).
*
Uit het huwelijk sproot één dochter. Jefke werd de officiële portier van de Antwerpse Zoo.

Het
sprookje duurde niet lang. Er kwam onenigheid in het gezin. Het huwelijk werd
ontbonden. Jefke werd zwaar ziek. Hij stierf in een particuliere kamer in de
Korte Bisschopstraat, sectie 5, nr.3, te Antwerpen op 4 mei 1882. Uit de
overlijdensakte blijkt dat Jefke geboren was in de Côte d’Or (Goudkust) in
1837. Hij werd amper 45 jaar!
(bron:
registers van de burgerlijke stand van Antwerpen).
Alex Vinck.